Probeer het ook eens. Kijk wat je ervaringen zijn.
Volgens sommige psychologen kun je de smartphone inmiddels beschouwen als een onlosmakelijk ledemaat van ons lichaam. Daar zit wel iets waars is. Veel mensen zijn constant alert om vooral niets te missen als het apparaat om je aandacht vraagt. Ik was ervan overtuigd die stress, want dat is het, niet te hebben. Ik kwam immers uit een generatie die niet constant zijn telefoon nodig had. Ik had hem wel altijd bij me, maar kon ook uitstekend zonder, dacht ik. Totdat mijn vriend Alex met mij wilde gaan eten in het centrum van ons dorp. Kwartiertje wandelen.
Vlak voordat ik de deur uitging deed ik mijn 1,2,3,4 check. Portemonnee, telefoon, sleutels, voordeur op slot. Als ik niet tot vier kwam, was ik dus iets vergeten en moest de controle opnieuw. Net toen ik de deur achter mij wilde sluiten, kwam Alex aangelopen. “Ik heb een idee, zullen we onze telefoons thuislaten?” Ik keek hem vertwijfeld aan en iets riep in mij: “echt niet!” Niet meenemen betekende ook niet bereikbaar zijn. “En ook geen foto’s maken van het etentje en ook niet reageren op wel belangrijke berichtjes en …. “ scandeerde iets in mij.
“Weet je”, zei Alex, “als we dat doen, worden we door niemand gestoord en kunnen we voluit genieten van het eten en van elkaar.” “Ja maar, dan kunnen anderen ook ons niet bereiken, die vinden dat dan misschien weer vervelend. Kan dat wel?” We keken elkaar even aan en schoten in de lach. We pakten onze telefoons, legden ze op het plankje in de gang en vertrokken.
We hadden een prachtige avond, met lekker eten, goede wijn en goede gesprekken. Ongestoord, niet door mensen, niet door berichtjes, niet door andere apps. Het voelde eerst even ongemakkelijk, maar nadat ik mij had overgegeven aan het idee, ervoer ik ook een weldadige rust. Ik genoot van het moment, zonder afgeleid te worden. Ik was, net als vroeger, pas weer bereikbaar toen ik thuiskwam. Heerlijk, maar het eerste wat ik deed toen ik thuiskwam was kijken of er nog berichten waren. Bovendien heeft het dagen geduurd voordat ik een volgend “experiment” uitvoerde.
Het heeft me aan het denken gezet. Ik realiseerde me dat ik dus wél gebonden was aan mijn telefoon. Niet meteen verslaafd, maar ik kon blijkbaar ook niet zonder. Mijn gedachten verdedigden zich nog door te stellen dat de tijden nu eenmaal veranderd zijn en dat het eenvoudig niet meer verantwoord is om geen telefoon bij je te hebben. “Iedereen doet het, niet doen is niet wijs.”
Uiteindelijk kwam ik tot de conclusie dat de smartphone zeker iets prachtigs is. Hij heeft veel positiefs gebracht en zal dat ook blijven doen. Maar hij draagt niet bij aan een zinvol, gelukkig en liefdevol leven. Het ware leven ervaren via je smartphone kan niet. Dat kan alleen door echte ontmoetingen, elkaar zien, naar elkaar luisteren, een knuffel, een kus, dankbaar zijn voor het moment.
De avond met Alex. De aanvankelijke angst, eigenlijk om afgesloten te zijn van de wereld, maakte plaats voor dankbaarheid, over het genieten van het hier-en-nu, zonder de kans dat die wereld op dat moment zou inbreken. Een les die ik nu steeds meer in praktijk breng.
Ik realiseerde me nog iets over “vroeger”. Voor het tijdperk van de mobiele telefoon kende ik minimaal tien nummers van familie, vrienden en collega’s uit mijn hoofd. En als ik iemand wilde bellen waarvan ik het nummer niet wist, was er altijd wel ergens een telefoonboek in de buurt. Die boeken bestaan niet meer en ik weet alleen nog mijn eigen nummer. Prima, want alle nummers staan immers in mijn smartphone. Maar omdat die ook leeg kan raken of kapot kan gaan, hield ik, buiten mijn telefoon, wel altijd een lijstje met mijn belangrijke nummers bij. Nu laat ik mijn telefoon steeds meer thuis, blijkt dat lijstje ruim voldoende.
Probeer het ook eens. Kijk wat je ervaringen zijn.